Lessen uit een gouden paleis

Afgelopen weekend was ik te gast op een groot onderwijscongres in Abu Dahbi, dat de (ietwat schunnige) titel Qudwa droeg. Ze hebben er zin in, daar in de woestijn. Precies een half jaar geleden werd het Global Education and Skills Forum gehouden in Dubai. Het schijnt dat er volgende maand  alweer eentje gepland staat in Qatar. Ik kan dan ook niet aan de indruk ontsnappen dat de competitiedrang onder de sjeiks na het autoracen en het voetballen nu ook het onderwijs heeft bereikt. Of we daar blij van moeten worden valt op dit moment nog moeilijk te zeggen. Zelf presenteren ze het als volgt: ‘Abu Dahbi wil in het post-olie tijdperk vol gaan investeren in hun andere strategic recource, namelijk de inwoners’. Zo was het althans op de wandplaten te lezen gedurende het congres. Daar valt best wat voor te zeggen. Een vergelijkbaar narratief hoorde ik eerder al in Singapore – al hebben ze daar een flinke voorsprong op de Arabieren. Is er een education race gaande? Ik denk van wel.

20171008_153532.jpg

Hoe dan ook genoeg reden om even flink uit te pakken. Plaats van handeling was dit keer het bombastische Emirates Palace, gelegen aan de Perzische golf – direct naast het echte paleis van de sjeik. Gangen vol klatergoud. Gouden verlichting. Goudkleurige sofa’s met goudkleurige kussens. Gouden gordijnen. Gouden portretten van de Sjeik. Als er goudkleurige parkieten bestonden dan hadden ze die vast ook laten rondfladderen. Al dat klatergoud zal bedoeld zijn om gasten de indruk te geven dat ze baden in luxe. Maar zoals een medecongresganger terecht opmerkte: ‘met de kosten van dit gebouw alleen waren al een hoop problemen in de wereld op te lossen’.

20171007_194243.jpg

De sjeiks hebben liefst negentig Global Teacher Prize genomineerden laten invliegen, alsmede negentig leraren die verbonden zijn aan het Teach for All programma en dan nog eens een goede 500 leraren uit de Verenigde Arabische Emiraten zelf. Hierdoor kreeg Qudwa veel meer het karakter van een lerarenconferentie dan het Global Education and Skills Forum, waar ook beleidsmakers, vakbondslieden, NGO’s, multinationals, filmsterren en cricketspelers aanwezig waren. Dat vond ik zelf eerder een voordeel dan een nadeel, want de Qudwa sessies waren voor een aanzienlijk deel toegesneden op ‘de leraar’. Veel van de sessies werden dan ook verzorgd door leraren zelf. Het is de moeite waard om het programma eens door te nemen.

De opening werd gedaan door de sjeik, maar die sprak in het Arabisch en ik was mijn vertaalapparaatje vergeten. Dat gaf mooi gelegenheid om bij te kletsen met Mareike Hachamer, die zo ontzettend bevlogen kan vertellen over het onderwijzen van de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (van de Verenigde Naties). Kijk vooral haar TED talk over dit onderwerp. Daarna kwam Michael B. Horn, die het centrale thema ‘teach for tomorrow’ inluidde met een wel heel vreemde uitspraak, gevolgd door de moeder aller onderwijsclichés: we werken in het onderwijs volgens een 19de eeuws fabrieksmodel dat nodig aan verandering toe is.

20171007_103844.jpg

Het programma dat de volgende twee dagen volgde ging verder op de thematiek rond toekomstbestendig onderwijs: hoe bereiden we de volgende generatie voor op de uitdagingen van de 21ste eeuw? Die discussie is in Nederland doodgeslagen met de botte bijl, maar gelukkig zijn we niet alleen op de wereld. Overal staan leraren, schoolleiders en beleidsmakers voor dezelfde uitdagingen. Hoe ontwerpen we een toekomstgericht curriculum? Wat is de ideale balans tussen kennis, vaardigheden en competenties? Hoe onderwijs je eigenlijk competenties? Welke mogelijkheden biedt technologie? Wat kan gamification ons bieden? Wat is de rol van de leraar in een veranderde wereld? Prikkelende vragen, spannende uitdagingen. Helaas te weinig echte antwoorden. 45 minuten blijken toch echt te weinig te zijn voor een ‘teacher lab’. Paneldiscussies blijven te vaak hangen in gezwets en ‘masterclasses’ zijn vaak gewoon een showcase voor iemands boek.

20171007_115855.jpg

De leukste en beste workshops waren daarom te vinden in een kleine glazen ruimte, verstopt tussen een permanente berg aan cake en andere zoetigheden. Daar werden zogenoemde ‘coffeehouse sessions’ gehouden door leraren. Dat was top. Ik maakte bijvoorbeeld mee hoe de onvolprezen Mark Reid in 30 minuten een conversatie faciliteerde waarin mijn denken over de inrichting van leerruimtes kantelde. Bij die sessie vertelde Robin in India hoe zij noodgedwongen lesgaf in een bordeel en Joao uit Portugal vertelde dat in Mozambique een boom met schaduw dienst kon doen als leerruimte. Dan verdampt plotseling de urgentie van mijn persoonlijke zoektocht naar de ideale balans tussen instructieruimten en leerpleinen in de state of the art nieuwbouw van het Hyperion Lyceum.

Van het reguliere programma zal bij velen de dagopening op zondag zijn bijgebleven. Daar waren we getuige van de Ron Clark show. Bekijk voor het gevoel het filmpje over ‘America’s Educator’ eens terug. Hate him or love him. Ik leek toch vooral in een gedeelte van de zaal te zitten waar veel haters van Ron Clark zaten, getuige de kokhalsgeluiden om mij heen. Nauwelijks bijgekomen van de Ron Clark wervelwind was het de beurt aan die andere vent waar iedereen een mening over lijkt te hebben: Andreas Schleicher van de OECD. Het was bepaald niet de eerste keer dat ik naar Schleicher luisterde, maar hij weet mij toch iedere keer weer te overtuigen. De boodschap van Schleicher is helder: de wereld verandert, het onderwijs moet mee veranderen. Meer aandacht voor vakoverstijgende vaardigheden en competenties, leerlingen meer samen laten werken en (vooral) ook leraren meer samen laten werken. Uitspraken die niet zomaar uit de lucht komen vallen, maar gestaafd zijn door de bekende PISA en TALIS onderzoeken. Nooit een keynote van Schleicher bij kunnen wonen, of een OECD publicatie gelezen? Zie bijvoorbeeld deze video en vorm je eigen mening. Niet met modder smijten na afloop op Twitter, dat is niet netjes.

20171008_104627.jpg

Wat mij verder is bijgebleven van het reguliere programma waren de workshops die specifieke vraagstukken binnen de problematiek benaderden vanuit een praktisch oogpunt. Leuk was bijvoorbeeld de masterclass van Michele Borba die het aandurfde om één van de meest controversiële onderwerpen bij de hoorns te vatten: hoe is karakter te onderwijzen? Vanuit het TEACH model probeert zij leraren aan te moedigen om (1) een specifieke deugd te benoemen, zoals compassie (2) die van concrete voorbeelden te voorzien, dat volgens haar het beste kan vanuit de studie van voorbeelden uit de geschiedenis (3) waardoor deze voorbeelden mening krijgen voor de leerlingen (4) als de leerling gedrag vertoont dat in lijn is met de deugd dient de leraar dit te benoemen en (5) altijd uit te leggen waarom dit een belangrijke les vormt. In Nederland vinden veel mensen het maar eng om persoonsvorming in een curriculum te stoppen. Toch zijn er ook veel scholen en leraren die wél zoeken naar manieren om vanuit een leerplan positieve karaktereigenschappen over te dragen op kinderen. Zo heeft het SLO recentelijk een prima ‘inspiratiebijeenkomst’ gehouden in Amersfoort over dit onderwerp.

20171008_162950.jpg

Even goed weet iedereen die wel eens op congres gegaan is dat de meeste winst niet in de zaaltjes te vinden is, maar in de wandelgangen. Dat viel ook wel te verwachten, als er 90 van de meest bevlogen leraren ter wereld onder één dak geplaatst worden. Ieder van deze leraren is met minstens een handvol spannende projecten bezig en heeft er nog een aantal in het achterhoofd. Het is werkelijk fantastisch om een weekend met deze initiatiefrijke, energieke en positieve mensen door te brengen. Geen idee is gek genoeg om uit te proberen. Mensen willen voor elkaar werken. Zo ontstaan de mooiste projecten. Een concreet voorbeeld van een project dat is voortgekomen uit onze vorige ontmoeting is het climate action project. Koen Timmers uit België is er in geslaagd om een wereldwijd project op te zetten waar leerlingen van 250 scholen uit 63 landen ‘project based’ samenwerken rond het thema klimaatverandering.

Ik weet dat ik bevoorrecht ben om uitgenodigd te worden voor zo’n maf congres. Ik weet ook dat ik bevoorrecht ben om Global Teacher Prize genomineerden als Mareike, Koen en Mark tot mijn vrienden te mogen rekenen. Niet iedereen krijgt deze kans. Maar ook in Nederland ken ik genoeg bevlogen onderwijsmensen met hart voor de leerlingen en mooie plannen in hun hoofd. Leraren weten elkaar ook steeds vaker te vinden. Denk aan de Meetups, die als paddestoelen uit de grond schieten, of aan het Leraar Ontwikkel Fonds, dat facilitering biedt aan leraren met een goed idee.

20171008_173854.jpg

De les uit Abu Dahbi is dat de sleutel om het vraagstuk hoe wij ons onderwijs ‘toekomstbestendig’ kunnen maken best wel eens kan liggen in het verbinden en ondersteunen van positieve, bevlogen en initiatiefrijke leraren. Daar zijn echt geen gouden banken met gouden kussens in een gouden paleis voor nodig.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s